Poll
Wat vindt u van deze website?
 
Statistieken
Leden : 2
Artikelen : 26
Weblinks : 16
Artikelen bekeken hits : 39558

Standaard


 Spreeuwduif

Land van oorsprong

Duitsland. 

Algemeen voorkomen

Slanke, krachtige veldduivenfiguur.

Raskenmerken

Type: Veldduiventype.
Stand: Laag, bijna horizontaal.
Kop: Langwerpig rond, licht gewelfd. Witplaten met schelpkap, alle andere kleurslagen gladkoppig, met schelpkap of puntkap.
Ogen: Vurig rood, bij gemnnikt en witplaat donker.
Oogranden: Smal en onopvallend, licht tot rood bij gemonnikt, witplaat, rood en geel, bij de andere kleurslagen donker.
Snavel: Middellang. Bij gemonnikt, rood en geel vleeskleurig, bij witplaat vleeskleurige bovensnavel en zwarte ondersnavel, bij de andere zwarte snavel.
Keel: Goed uitgesneden.
Hals: Middellang, vol uit de schouders komend.
Borst: Goed gerond, licht naar voren gedragen.
Rug: Lang, goed gerond, licht afhellend.
Vleugels: Lang, goed gesloten.
Staart: Lang, gesloten.
Benen: Kort, voeten onbevederd, nagels zwart, alleen bij gemonnikt licht, voeten rood, bij jonge zwarte ook nog donker.
Bevedering: Strak aanliggend.

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 Kleurslagen

Zwart-, rood-, geel- en blauw witgeband;
zwart- en blauw witgeschubd;
witstaart: zwart witgeband-, blauw witgeband-, zwart witgeschubd- en blauw witgeschubd-witstaart;
witplaat: zwart witgeband-, blauw witgeband-, zwart witgeschubd- en blauw witgeschubd-witplaat;
gemonnikt: zwart witgeband-, blauw witgeband-, zwart witgeschubd- en blauw witgeschubd-gemonnikt;
zilvergeschubd;
zilvergeschubd- en blauw zilvergeschubd witstaart;
zilvergeschubd- en blauw zilvergeschubd witplaat;
zilvergeschubd- en blauw zilvergeschubd gemonnikt;

 

 

 

 

 

 

 

 

Kleur en tekening

Zie voor kleuren het hoofdstuk "Specificatie van kleuren" in de NBS standaard.

De kleuren intensief, respectievelijk zuiver.

1. Zwart witgeband: Grondkleur diepzwart met groene glans, zonder bruin of schimmel in de slagpennen en/of staart. Hals groen schitterend. Onder op de voorhals de gemĂȘleerde tot zuiver witte halve-maanvormige spreeuwtekening, de maan. Die ontstaat doordat op deze plaats de veren een witte punt met een fijne zwarte, groenglanzende zoom hebben. De halve-maan ca. 3 cm breed met ongeveer dubbele lengte. Naar boven en naar beneden scherp begrensd, zonder gapingen, naar beide zijde spits uitlopend en niet in de hals verlopend. Spreeuwtekening in de korte hals en/of borstveren is fout. Banden zuiver wit, lang en smal en op de rug gescheiden.

2. Zwart-witgeschubd (vroeger gemarmerd): Grondkleur en spreeuwtekening; vleugelschild met gelijkmatige, fijne, witte, pijlvormige schubtekening, zo mogelijk over het hele vleugelschild. Slagpennen met vinkentekening.

3. Blauw witgeband: Grondkleur zuiver blauw, vleugelschilden gelijkmatig, slagpennen donker. Spreeuwtekening als bij zwart witgeband; banden wit met zwarte bandzoom, lang en smal.

4. Blauw witgeschubd: Grondkleur en spreeuwtekening als bij blauw-witgeband; vleugelschilden met regelmatige schubtekening met zwarte zoming; slagpennen zonder vinkentekening.

5. Rood- en geel witgeband: Grondkleur rood respectievelijk geel; spreeuwtekening en banden als bij zwart-witgeband.

6. Witplaat: Grondkleur en spreeuwtekening als bij respectievelijk zwart-witgeband, zwart witgeschubd, blauw witgeband, of blauw witgeschubd. Witte kopplaat, aan de achterzijde omsloten door een brede schelpkap met rozetten. De kopplaat begrensd door een rechte lijn vanaf de snavelhoek door de ogen of onderrand naar de schelkap toe lopend. De witte kopplaat moet in volle breedte tot aan de kap reiken. "Snorretje"tussen ogen en snavelhoek is gewenst, maar is geen eis.

7. Witstaart: Grondkleur en spreeuwtekening als bij respectievelijk zwart-witgeband, zwart witgeschubd, blauw witgeband, of blauw witgeschubd. Staartveren met bovenstaartdek wit, onderstaartdek (kiel) gekleurd. Boven de neusdoppen een kleine witte snip.

8. Gemonnikt: Grondkleur en spreeuwtekening als bij respectievelijk zwart-witgeband, zwart witgeschubd, blauw witgeband, og blauw witgeschubd. Kop, aan elke vleugel 7 tot 10 aaneengesloten buitenste slagpennen staart met boven- en onderstaartdek wit. Tekening scherp begrensd. Iets wit aan de hielgewrichten is toegestaan. Smalle en hoog oplopende puntkap, naar beneden in een scherpe nekkam overgaand.

9. Zwart- en blauw zilvergeschubd: Grondkleur als bij zwart- respectievelijk blauw witgeband. De spreeuwtekening als een ca 15 mm brede met zwarte respectievelijk blauwe puntjes gemĂȘleerde band rondom de hals en op de schouders in de schouder- (hart-) tekening verlopend. Wit vleugelschild; elke veer met op het eind een pijlpuntvormige zwarte respectievelijk blauwe vlek. De schouder- en bovenrugbevedering met dezelfde tekening, echter is deze meestal meer gezoomd. Vinkentekening als bij zwart-witgeschubd. Blauw met of zonder vinkentekening.

10, Zwart- en blauw zilvergeschubd witplaat: Kleur en spreeuwtekening als bij zilvegeschubd (9), koptekening als bij witplaat (6).

11. Zwart- en blauw zilvergeschubd witstaart: Kleur en spreeuwtekening als bij zilvergeschubd (9), witstaarttekening en snip als bij witstaart(7).

12. Zwart- en blauw zilvergeschubd gemonnikt: Kleur en spreeuwtekening als bij zilvergeschubd (9), monniktekening als bij gemonnikt (8). Blauwe zweem in de buikkleur bij zwart is toegestaan.

Fouten

Te klein; stoppels op de voeten; gebrekkige kap; bij alle blauwe varianten te donkere grondkleur.

Zwart-witgeband: grauwe, matte of glansloze kleur, roest in de maan en/of banden, erg gebrekkige gevormde maan of banden; schimmel in de slagpennen, staart of kiel; schubtekening op lichaam of schimmelige kop.

Zwart-witgeschubd: als bij zwart witgeband; ontbrekende vinkentekening, erg licht geschubd schild.

Blauw-witgeband: erg donkere kleur; lichte of grijze slagpennen; wit aan de buik, rug of kiel; gekartelde of brede banden.

Blauw-witgeschubd: als bij blauw witgeband, erg onregelmatige of onzuivere schubtekening.

Zilvergeschubd: Onvoldoende grondkleur, schimmelige kop, geschubde dijen, roest of roet op de vleugelschilden, bij gesloten vleugel zichtbare schimmel in de slagpennen, ontbrekende vinktekening bij zwart-zilvergeschubd, of te grove vinkentekening in beide kleurslagen.

Witplaat: gebrekkige koptekening; lichte ondersnavel; "baardje", dunne of smalle kap.

Witstaart: ontbrekende snip; witte of geschimmelde kielveren; minder dan 12 witte staartpennen.

Gemonnikt: veel wit aan de aars, aan een of beide vleugels minder dan 7 of meer dan 10 witte slagpennen; meer dan 2 pennen verschil; brede puntkap, aangeslagen snavel.

Beoordeling

Na het algemeen voorkomen zijn de volgende raskenmerken in onderstaande volgorde van betekenis:

- Type en stand

- Kleur (bij de zeldzame getekende gaat tekening voor)

- Banden en vleugeltekening

- Maan respectievelijk halsring

- Kap

- Snavel-en oogkleur, oogranden

- Ringmaat: 7 mm.